mavo

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·vo
enkelvoud meervoud
naamwoord mavo -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

mavo o

  1. (onderwijs), (letterwoord), (afkorting) de afkorting voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, een Nederlandse schoolsoort na de lagere school
    Deze leerling volgt mavo.
  2. (afkorting) de afkorting voor maatschappelijke vorming, een schoolvak in het Vlaamse beroepssecundaire onderwijs
    Zij heeft mavo in haar vakkenpakket.
enkelvoud meervoud
naamwoord mavo mavo's
verkleinwoord mavootje mavootjes

Zelfstandig naamwoord

mavo v/m

  1. een school voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs
    Hij zit al drie jaar op een mavo.

Meer informatie