masturberen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mas·tur·be·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
masturberen
masturbeerde
gemasturbeerd
zwak -d volledig

Werkwoord

masturberen

  1. (inergatief) zichzelf seksueel bevredigen
    Iedere persoon masturbeert, dat is heel normaal.
Synoniemen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen