male

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·le

Zelfstandig naamwoord

male

  1. datief van maal, archaïsche vorm die in enkele staande uitdrukkingen voorkomt
Verwante begrippen

Werkwoord

vervoeging van
malen

male

  1. aanvoegende wijs van malen


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
male males

Zelfstandig naamwoord

male

  1. een mannelijk persoon of dier


Frans

Bijvoeglijk naamwoord

male

  1. vrouwelijk enkelvoud van mal


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·le
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse woord mala.
Naar frequentie 3343
vervoeging
onbepaalde wijs male
tegenwoordige tijd maler
verleden tijd malte
voltooid
deelwoord
malt
onvoltooid
deelwoord
malende
lijdende vorm males
gebiedende wijs mal
vervoegingsklasse Klasse 2 zwak
opmerking

Werkwoord

male

  1. (overgankelijk) schilderen
    «Det finnes forskjellige materialer både å male på og male med.»
    Er zijn verschillende materialen om zowel op als mee te schilderen.
  2. (overgankelijk) beschilderen, verven
    «Han har malt veggen hvit.»
    Hij heeft de muur wit geverfd.
  3. (overgankelijk), (figuurlijk) schilderen
    «Han maler situasjonen temmelig svart.»
    Hij schildert de situatie helemaal zwart.
Afgeleide begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·le
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse woord mala, dat van het Nederduitse werkwoord "malen" komt.
vervoeging
onbepaalde wijs male
mala
tegenwoordige tijd malte
verleden tijd malt
voltooid
deelwoord
male
onvoltooid
deelwoord
malande
lijdende vorm malast
gebiedende wijs mal
vervoegingsklasse Klasse 2 zwak
opmerking

Werkwoord

male

  1. (overgankelijk) malen
  2. (overgankelijk) fijnmalen
  3. (overgankelijk) vermalen
Schrijfwijzen

Werkwoord

male
  1. verouderde spelling of vorm van måla van vóór 2012
(verouderd) lijdende vorm van mala en male (betekenis: afmeten)

Werkwoord

male
  1. verouderde spelling of vorm van måle van vóór 2012
(verouderd) lijdende vorm van mala en male (betekenis: afmeten)