luxe

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • luxe
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen luxe luxer meest luxe
verbogen luxe luxere meest luxe

Bijvoeglijk naamwoord

luxe

  1. duur, exclusief
    Hij woont in een luxe huurappartement in het centrum van de stad.
Opmerkingen
  • De overtreffende trap "luxest" of "luukst", uitspraak: /lykst/, komt in het spraakgebruik wel voor, maar staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal ("het Groene Boekje") van de Taalunie. Het Taaladvies van de Taalunie stelt uitdrukkelijk dat de overtreffende trap "meest luxe" is[1]. De spelling luxest suggereert ten onrechte een uitspraak met twee lettergrepen, de spelling luukst wijkt sterk af van het woordbeeld van luxe.
  • Als predicaat of voor een onzijdig onbepaald substantief is de uitspraak in Nederland vaak zonder sjwa, /lyks/ (luuks)[2]. De spelling geeft dat niet goed weer en Van Dale geeft daarom ook de schrijfwijze "lux". Maar lux is de internationale eenheid voor verlichtingssterkte.
  • In veel gevallen kan de combinatie van luxe met een zelfstandig naamwoord ook worden opgevat als een samenstelling. In dat geval wordt het als één woord aan elkaar geschreven. Er is wel een verschil in uitspraak: in de samenstelling komt de klemtoon op luxe te liggen, bij losse woorden heeft wordt het zelfstandig naamwoord ook beklemtoond[3].
  • In België is als bijvoeglijk naamwoord luxueus meer gangbaar.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
enkelvoud meervoud
naamwoord luxe luxes
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

luxe m

  1. niet alledaagse dingen die gebruikt worden voor het persoonlijk genot
    Ik heb het als een luxe ervaren om thuis te werken.
Vertalingen
Verwijzingen
  1. Luxe / luxueuze woonkeuken op site Taaladvies.net; geraadpleegd 2015-02-21
  2. Lux(e) hotel (uitspraak) op site Taaladvies.net; geraadpleegd 2015-02-21
  3. Luxe / luxueuze woonkeuken op site Taaladvies.net; geraadpleegd 2015-02-21