luchtig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • luch·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen luchtig luchtiger luchtigst
verbogen luchtige luchtigere luchtigste

Bijvoeglijk naamwoord

luchtig

  1. met lucht doortrokken
    Dit luchtige baksel is erg lekker.
  2. van vrolijke aard, zorgeloos
    Dit was het luchtigste optreden dat ik ooit van hem gezien heb; meestal is hij vrij ernstig.
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl