loopje

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Woordafbreking
  • loop·je

Zelfstandig naamwoord

loopje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord loop
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen