loodgieter

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lood·gie·ter
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van lood en een nomen agentis van gieten.
enkelvoud meervoud
naamwoord loodgieter loodgieters
verkleinwoord loodgietertje loodgietertjes

Zelfstandig naamwoord

loodgieter m

  1. (beroep) een vakman die zich bezighoudt met de aanleg en het onderhoud van sanitair, verwarmingsinstallaties, waterleidingen en/of riolering
    Mijn vader is loodgieter van beroep.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen