locomotief
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: locomotief (hulp, bestand)
Woordafbreking
- lo·co·mo·tief
Woordherkomst en -opbouw
- Van Latijn loco (van zijn plaats) + motivus (bewegend).
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | locomotief | locomotieven |
| verkleinwoord | locomotiefje | locomotiefjes |
Zelfstandig naamwoord
- (spoorwegen), (verkeer) een zwaar railvoertuig dat bedoeld is om treinen te trekken
- De locomotief moet nog aangekoppeld worden.