locatie

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lo·ca·tie
enkelvoud meervoud
naamwoord locatie locaties
verkleinwoord locatietje locatietjes

Zelfstandig naamwoord

locatie v

  1. een bepaald punt in de ruimte
    De locatie van het feest werd pas een week van tevoren bekend gemaakt.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen