liberaal

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • li·be·raal
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord liberaal liberalen
verkleinwoord liberaaltje liberaaltjes

Zelfstandig naamwoord

liberaal m

  1. (filosofie) (politiek) aanhanger van de liberale staatsinrichting, lid van een partij van die beginselen
  2. (filosofie) vrijzinnige op kerkelijk gebied
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen liberaal liberaler liberaalst
verbogen liberale liberalere liberaalste

Bijvoeglijk naamwoord

liberaal

  1. (filosofie) (politiek) een zo gering mogelijke overheidsbemoeienis met het maatschappelijk leven voorstaand
  2. ruimdenkend
  3. (filosofie) niet orthodox op met name kerkelijk gebied
Synoniemen
Vertalingen

Meer informatie