lente

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken
Lente geschilderd door Giuseppe Arcimboldo

Inhoud

Nederlands

Woordherkomst en -opbouw
  • Het woord is samengesteld uit de elementen "lengen" en "dag", ofwel het lengen der dagen.
Uitspraak
Woordafbreking
  • len·te (enkelvoud) / len·tes (meervoud)

Zelfstandig naamwoord

enkelvoud meervoud
naamwoord lente lentes
verkleinwoord

lente v/m

  1. eerste jaargetijde, één van de vier seizoenen.
    In de lente worden de dagen steeds langer.
Vertalingen
Synoniemen
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Spreekwoorden

Meer informatie

Persoonlijke instellingen