lazuur

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • la·zuur
enkelvoud meervoud
naamwoord lazuur -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

lazuur o

  1. een kostbaar blauw gesteente
    Heet dit gesteente "lazuur"?
  2. een helderblauwe kleur
    Mijn lievelingskleur is lazuur.
  3. een transparante verflaag
    De kleurloze lazuur is enkel bedoeld voor de renovatie van hout dat al gelazuurd of gekleurd is of om andere kleuren lichter te maken.
  4. een transparante verf
    Voor een duurzaam en makkelijk te onderhouden oppervlak, adviseren wij dit te behandelen met olie, was, lak, verf of lazuur.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen