lasten
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- las·ten
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| lassen |
lasten
- meervoud verleden tijd van lassen
- Wij lasten.
- Jullie lasten.
- Zij lasten.
- Wij lasten.
Zelfstandig naamwoord
lasten mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord last