langskomen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • langs·ko·men
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
langskomen
kwam langs
langsgekomen
klasse 4 volledig

Werkwoord

langskomen

  1. (ergatief) voorbijgaan
    Sinds ik hier zit zijn er welgeteld drie auto's langsgekomen.
  2. (ergatief) langsgaan, op bezoek komen
    Jan kwam even langs en bracht ons wat aardbeien uit zijn tuin.
Vertalingen