laars
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- laars
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | laars | laarzen |
| verkleinwoord | laarsje | laarsjes |
Zelfstandig naamwoord
- (schoeisel) een schoen met een hoge schacht die een deel van het been bedekt
- Zij heeft bijna altijd laarzen aan.
Synoniemen
- (Vlaams en Limburgs) bot
Vertalingen
1. een schoen met een hoge schacht die een deel van het been bedekt
|
|
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.