krop

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • krop
enkelvoud meervoud
naamwoord krop kroppen [1,2]
verkleinwoord kropje [1,2] kropjes [1,2]

Zelfstandig naamwoord

krop m

  1. ronde dichte opeenstapeling van bladeren
    Heb je nog een krop sla voor me?
  2. keelzak.
    Duiven kunnen voedsel vervoeren in hun krop'.
  3. (medisch) aandoening van de schildklier
  4. o bepaald soort meel: ongezeefd (ongebuild) tarwemeel met zemelen
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie