kraakpand

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kraak·pand
enkelvoud meervoud
naamwoord kraakpand kraakpanden
verkleinwoord kraakpandje kraakpandjes

Zelfstandig naamwoord

kraakpand o

  1. een woning bewoond door mensen die daar juridisch geen recht hebben
    Dit kraakpand werd met geweld ontruimd.
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen