kraai
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: kraai (hulp, bestand)
- IPA:
- (Noord-Nederland): /kraɪ̯/
- (Vlaanderen, Brabant): /kraɪ̯/
- (Limburg): /kraːɪ̯/
Woordafbreking
- kraai
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kraai | kraaien |
| verkleinwoord | kraaitje | kraaitjes |
Zelfstandig naamwoord
- (vogels) Corvus corone
, een zwarte zangvogel
- Kijk, er zit een kraai in de boom!
Vertalingen
1. Corvus corone, een zwarte zangvogel
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| kraaien |
kraai
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kraaien
- Ik kraai.
- gebiedende wijs van kraaien
- Kraai!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kraaien
- Kraai je?
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.