korset

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kor·set
enkelvoud meervoud
naamwoord korset korsetten
verkleinwoord korsetje korsetjes

Zelfstandig naamwoord

korset o

  1. (kleding) een verstevigd raamwerk dat strak om het lichaam gebonden wordt om de taille en/of de boezem te accentueren of soms ook om medische redenen gebruikt wordt om het lichaam steun te verlenen
Vertalingen

Meer informatie