koppeltje

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Woordafbreking
  • kop·pel·tje

Zelfstandig naamwoord

koppeltje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord koppel
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen