koningschap
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ko·ning·schap
Woordherkomst en -opbouw
- Samenstelling van koningschap met het achtervoegsel -schap
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | koningschap | |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
koningschap o
- het geheel van wat het koning zijn inhoudt