kluis
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA:
- (Noord-Nederland): /klœʏs/
- (Vlaanderen, Brabant, Limburg): /klœːs/
Woordafbreking
- kluis
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kluis | kluizen |
| verkleinwoord | kluisje | kluisjes |
Zelfstandig naamwoord
- een tegen inbraak en brand beveiligde kist of kast
- Sieraden bewaart men vaak in een kluis.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. een tegen inbraak en brand beveiligde kist of kast
Meer informatie
- Zie de doorverwijspagina op Wikipedia voor meer informatie.