kleuren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- kleu·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| kleuren |
kleurde |
gekleurd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
kleuren
- van kleur voorzien met potloden, stiften, waskrijt etc.
Vertalingen
1. van kleur voorzien met potloden, stiften, wasko etc.
Zelfstandig naamwoord
kleuren mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord kleur
Hyponiemen
- aalbeskleuren, driekleuren, fuchsiakleuren, gelaatskleuren, html-kleuren, klankkleuren, roetkleuren, schoppenkleuren, sepiakleuren, toonkleuren