kleefden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Woordafbreking
  • kleef·den

Werkwoord

vervoeging van
kleven

kleefden

  1. meervoud verleden tijd van kleven
    Wij kleefden.
    Jullie kleefden.
    Zij kleefden.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen