kauwgom
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- kauw·gom
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kauwgom | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
- een snoepgoed oorspronkelijk vervaardigd van het plantensap van de boom Manilkara chicle
, nu vaak vervangen door polyisobuteen
- Je moet kauwgom niet op straat uitspugen.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.