kauwgom

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kauw·gom
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kauwgom -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

kauwgom o / m

  1. een snoepgoed oorspronkelijk vervaardigd van het plantensap van de boom Manilkara chicle Wikispecies-logo-en.png, nu vaak vervangen door polyisobuteen
    Je moet kauwgom niet op straat uitspugen.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl