karton

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kar·ton
1. enkelvoud meervoud
naamwoord karton -
verkleinwoord - -
2. enkelvoud meervoud
naamwoord karton kartons
kartonnen
verkleinwoord kartonnetje kartonnetjes

Zelfstandig naamwoord

karton o

  1. dik, uit enige lagen bestaand bordpapier
    Karton kan niet goed tegen water.
  2. bordpapieren verpakking
    Het karton werd met een cutter opengesneden.
Synoniemen
  1. bordpapier
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie