karton
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- IPA: /kɑrˈtɔn/
Woordafbreking
- kar·ton
| 1. | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | karton | - |
| verkleinwoord | - | - |
| 2. | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | karton | kartons kartonnen |
| verkleinwoord | kartonnetje | kartonnetjes |
Zelfstandig naamwoord
karton o
- dik, uit enige lagen bestaand bordpapier
- Karton kan niet goed tegen water.
- bordpapieren verpakking
- Het karton werd met een cutter opengesneden.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.