kanselier

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kan·se·lier
enkelvoud meervoud
naamwoord kanselier kanseliers
verkleinwoord kanseliertje kanseliertjes

Zelfstandig naamwoord

kanselier m

  1. een verkorte term voor bondskanselier
    De kanselier van Duitsland moest er nog eens goed over nadenken.
  2. het hoofd van een kanselarij
    Reeds de Romeinse keizers hadden kanseliers in dienst.
Vertalingen
Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen