kampioen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kam·pi·oen
enkelvoud meervoud
naamwoord kampioen kampioenen
verkleinwoord kampioentje kampioentjes

Zelfstandig naamwoord

kampioen m

  1. (sport) de winnaar van een kampioenschap
    Wij zijn de kampioenen!

Meer informatie

Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen