kaartje

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • [1] kaart·je
  • [2] kaar·tje

Zelfstandig naamwoord

kaartje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord kaart
  2. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord kaar
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen