kaakbeen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- kaak·been
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kaakbeen | kaakbeenderen |
| verkleinwoord | kaakbeentje | kaakbeentjes |
Zelfstandig naamwoord
kaakbeen o
- (anatomie) één van de beenderen van de schedel
- Kon jij op die afbeelding het kaakbeen zien?
Vertalingen
1. één van de beenderen van de schedel
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.