jaarlijks

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jaar·lijks
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen jaarlijks
verbogen jaarlijkse

Bijvoeglijk naamwoord

jaarlijks

  1. eenmaal per jaar
    Op hun jaarlijkse familiereünie was het meestal bijzonder gezellig.
Hyponiemen
Vertalingen

Bijwoord

jaarlijks

  1. eenmaal per jaar, per jaar
    Zij hadden jaarlijks een familiereünie.
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl