invullen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·vul·len
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van vullen met het voorvoegsel in-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
invullen
vulde in
ingevuld
zwak -d volledig

Werkwoord

invullen

  1. (overgankelijk) een daarvoor opengelaten plek beschrijven met desbetreffende informatie
    Ik heb het formulier ingevuld.