intrigeren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- in·tri·ge·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| intrigeren |
intrigeerde |
geïntrigeerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
intrigeren
- interesse wekken, fascineren
- De voordracht intrigeerde me heel sterk waardoor ik onmiddellijk een boek over het onderwerp gekocht heb om me er verder in te verdiepen.