inkopen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- in·ko·pen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| inkopen |
kocht in |
ingekocht |
| zwak -cht | volledig | |
Werkwoord
inkopen
- (overgankelijk) door kopen een voorraad aanleggen
- Onze Chef Bier heeft biologisch boekweitbier ingekocht.
Vertalingen
Zelfstandig naamwoord
inkopen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord inkoop