inherent
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | inherent |
| verbogen | inherente |
Woordafbreking
- in·he·rent
Bijvoeglijk naamwoord
inherent
- (medisch) onlosmakelijk samengaand, een vaste eigenschap vormend
- Depressie heeft inherente lichamelijke gevolgen.
Vertalingen
1. onlosmakelijk verbonden
Engels
Bijvoeglijk naamwoord
inherent
- inherent