ingrijpen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·grij·pen
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van grijpen met het voorvoegsel in-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ingrijpen
greep in
ingegrepen
klasse 1 volledig

Werkwoord

ingrijpen

  1. (inergatief) handelen om een probleem te voorkomen of op te lossen
    Tijdens de kredietcrisis hebben de overheden massaal moeten ingrijpen om de banken overeind te houden.
  2. (inergatief) ~ in: zich beslissend mengen in het verloop van iets
    De politie greep in toen de demonstratie uit de hand begon te lopen.
Vertalingen