indicatief
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- in·di·ca·tief
Woordherkomst en -opbouw
- afgeleid van indicatie met het achtervoegsel -ief
- afgeleid van het Franse indicatif of daarvoor van het Latijnse 'indicativus'
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | indicatief | indicatieven |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
indicatief m
- (taalkunde) de vorm van het werkwoord die de werkelijkheid aangeeft
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
1. de vorm van het werkwoord die de werkelijkheid aangeeft
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | indicatief |
| verbogen | indicatieve |
Bijvoeglijk naamwoord
indicatief
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.