incontinentie
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- in·con·ti·nen·tie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | incontinentie | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
incontinentie v
- (medisch) het onvermogen om urine of ontlasting op te houden
Vertalingen
1. het onvermogen om urine of ontlasting op te houden