inburgering
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- in·bur·ge·ring
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van inburgeren met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | inburgering | inburgeringen |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
inburgering v
- het inburgeren d.w.z. in een nieuwe cultuur integreren
Afgeleide begrippen
- inburgeringscontract, inburgeringscursus, inburgeringsgesprek, inburgeringsplicht, inburgeringsprogramma, inburgeringstraject
Verwante begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.