il

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Frans

Uitspraak

Persoonlijk voornaamwoord

nominatief genitief datief accusatief locatief benadrukt
il son / sa /
ses
lui le y lui

il

  1. hij
    Il est grand.Hij is groot.

Onbepaald voornaamwoord

il

  1. het
    Il neige.Het sneeuwt.


IJslands

Zelfstandig naamwoord

il

  1. zool (van de voet)


Italiaans

Lidwoord

il m

  1. de, het
    Ho letto il libro.Ik heb het boek gelezen.
Synoniemen


Turks

Zelfstandig naamwoord

il

  1. provincie
Teruggeplaatst van "http://nl.wiktionary.org/wiki/il"
Persoonlijke instellingen