houden

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
  • IPA: 'ɦɑʊ.də(n)

Woordherkomst en -opbouw
  • van *holden old => oud met verlies van de l in de tegenwoordige tijd en het voltooid deelwoord.

Lettergrepen
  • hou·den

Werkwoord

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
houden
/'ɦɑʊ.də(n)/
hield
/'ɦild/
gehouden
/ɣə.'ɦɑʊ.də(n)/
klasse 7 volledig


houden ;

  1. niet laten varen, het bezit ervan niet verliezen
    hij hield het huis, maar zij kreeg de kinderen bij de echtscheiding
  2. huisdieren verzorgen
    Piet hield kleurkanaries

Afgeleide begrippen

Vertalingen
Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen