hoeveelheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoe·veel·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord hoeveelheid hoeveelheden
verkleinwoord hoeveelheidje hoeveelheidjes

Zelfstandig naamwoord

hoeveelheid v

  1. de kwantiteit waarin iets aanwezig is
    De hoeveelheid malware is in één jaar verdrievoudigd.
    hoeveelheid bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen