herinnering
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- her·in·ne·ring
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van herinneren met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | herinnering | herinneringen |
| verkleinwoord | herinneringetje | herinneringetjes |
Zelfstandig naamwoord
herinnering v
- het weer in het bewustzijn oproepen van een gebeurtenis van het verleden
- Ter herinnering van deze gebeurtenis werd een monument opgericht.
- een opgeroepen of eenvoudig op te roepen gebeurtenis uit het verleden
- Zij had daar heel goede herinneringen aan.