hengsel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Hengsel [1]
Emmer met hengsel [2]

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • heng·sel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord hengsel hengsels
verkleinwoord hengseltje hengseltjes

Zelfstandig naamwoord

hengsel o

  1. een eenvoudig scharnier waarbij een deur op een of meer vertikale metalen staven gehangen wordt
    Je kunt de deur zo van de hengsels lichten.
  2. een stuk gebogen draad, al of niet van metaal, op twee plaatsen aan bijvoorbeeld een emmer bevestigd, waaraan deze opgepakt of -gehangen kan worden