help

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak

Tussenwerpsel

help!

  1. roep om hulp.

Werkwoord

vervoeging van
helpen

help

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van helpen
    Ik help.
  2. gebiedende wijs van helpen
    Help!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van helpen
    Help je?


Angelsaksisch

Zelfstandig naamwoord

help v

  1. hulp
Overerving en ontlening


Engels

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

help

  1. hulp
vervoeging
onbepaalde wijs to help
he/she/it helps
verleden tijd helped
voltooid
deelwoord
helped
onvoltooid
deelwoord
helping
gebiedende wijs help

Werkwoord

help

  1. helpen
  2. bijdragen
Persoonlijke instellingen