hardleers

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hard·leers
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van hard en de stam van leren met het achtervoegsel -s
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen hardleers hardleerser hardleerst
verbogen hardleerse hardleersere hardleerste

Bijvoeglijk naamwoord

hardleers

  1. niet bereid om ergens lering uit te trekken
    Als puber is hij een stuk hardleerser geworden.
Afgeleide begrippen