har
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- har
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | har | harren |
| verkleinwoord | harretje | harretjes |
Zelfstandig naamwoord
Deens
Woordafbreking
- har
Werkwoord
har
- tegenwoordige tijd van have
Baskisch
Zelfstandig naamwoord
har
Noors
Woordafbreking
- har
| Naar frequentie | 8 |
|---|
Werkwoord
har
- tegenwoordige tijd van ha
Nynorsk
Woordafbreking
- har
Werkwoord
har
- tegenwoordige tijd van ha
Werkwoord
har
- gebiedende wijs van hare
Werkwoord
har
- tegenwoordige tijd van have
Zweeds
Woordafbreking
- har
Werkwoord
har
- tegenwoordige tijd van ha
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woorden in het Deens
- Werkwoordsvorm in het Deens
- Woorden in het Baskisch
- Zelfstandig naamwoord in het Baskisch
- Dierkunde in het Baskisch
- Woorden in het Noors
- Werkwoordsvorm in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Werkwoordsvorm in het Nynorsk
- Woorden in het Zweeds
- Werkwoordsvorm in het Zweeds