gun
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- gun
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| gunnen |
gun
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van gunnen
- Ik gun.
- gebiedende wijs van gunnen
- Gun!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van gunnen
- Gun je?
Engels
Uitspraak
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| gun | guns |
Zelfstandig naamwoord
gun