grip
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- grip
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | grip | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
grip m
- een sterk contact tussen twee oppervlakken waardoor slippen of glijden bemoeilijkt wordt
- een functie uit de filmwereld met diverse taken, zoals opbouw, transport, opbouw camera en het duwen van de dolly
Synoniemen
- [1] houvast
Verwante begrippen
- [2] manusje van alles, gaffer
Uitdrukkingen en gezegden
- [1] Grip hebben op iets.
Vertalingen
2. een functie uit de filmwereld met diverse taken, zoals opbouw, transport, opbouw camera en het duwen van de dolly
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Turks
Zelfstandig naamwoord
grip
Synoniemen
- enflüanza, (volkstaal) paçavra hastalığı