graveren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gra·ve·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
graveren
graveerde
gegraveerd
zwak -d volledig

Werkwoord

graveren

  1. (overgankelijk) met een scherp gereedschap iets krassen in glas of metaal
    Zij kreeg voor haar geboorte een zilveren beker waarin haar naam gegraveerd was.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen